Kennisflitsen

BACK TO ALL WORK

Kennisflitsen 

  • Titel dia

    Schrijf uw onderschrift hier

    Knop
  • Titel dia

    Schrijf uw onderschrift hier

    Knop
Kennisflits 2017:6
Gezinszorg - geen tehuis!

In de Week voor de Pleegzorg (1-8 november 2017) een artikel waarom opvang in een gezin zoveel beter is dan in een tehuis. 
De VN 'Guidelines for Alternative Care' zijn heel duidelijk: jonge kinderen moeten niet in tehuizen opgroeien. Goed. 
Maar waarom eigenlijk?

Serve and return
De hersenen van kinderen ontwikkelen zich de eerste 3 jaar intensief. Naast psychologisch onderzoek laat ook hersenonderzoek zien dat voor het aanleggen van goede verbindingen in de hersenen een zogenaamde 'serve and return'  absolute noodzaak is: ouders reageren op gezichtsuitdrukkingen, geluidjes, praten etc. van de baby/dreumes, en het kindje reageert terug. Door deze constante interactie worden hersencellen gevormd, de juiste bedrading aangelegd en verbindingen ‘gesnoeid’. Als er geen of een onbetrouwbare reactie komt, dan wordt de gezonde architectuur van het brein verhinderd en toekomstig leren, gedrag en gezondheid worden aangetast.
In tehuizen is een dergelijk intensief contact niet mogelijk – verzorgers hebben hier op zijn minst shifts en vakanties. Scans van hersenen van tehuiskinderen laten zien dat minder hersencellen en verbindingen worden aangelegd. Verwaarlozing is voor een klein kind de schadelijker dan andere vormen van vroeg kinderlijk trauma.

Hechting
Kinderen hebben vaste verzorgers/ouders nodig met wie ze een gehechtheidsrelatie kunnen opbouwen, en ook dat is moeilijker in tehuizen. Een gehechtheidsfiguur is iemand op wie je kan bouwen, die je veilig laat voelen als er stress is. Ook dit is een belangrijk aspect van de ‘serve and return’ en is veel moeilijker in tehuizen. Het stress niveau bij tehuiskinderen is dan ook veelal ontregeld.

Herstel in pleegzorg
Kinderen die in pleeggezinnen worden geplaatst zullen over het algemeen al vroeg kinderlijk trauma hebben meegemaakt omdat hun ouders niet adequaat voor ze hebben kunnen zorgen. Gelukkig heeft onderzoek ook aangetoond dat plaatsing in een pleeggezin tot herstel kan leiden. Hierbij blijkt het wel van belang dat de plaatsing stabiel is – overplaatsingen van kinderen blijken de positieve ontwikkelingen in het pleeggezin ernstig te bedreigen.
Dus niet alleen een oproep voor extra pleegouders in de Week van de Pleegzorg, ook voor meer stabiliteit in plaatsingen!

Bijgesloten een Engelstalig artikel waarin dieper wordt ingegaan op de ontwikkelingen van kinderen in familiezorg of tehuiszorg

Kennisflits 2017:5
Nauwelijks meer medicijngebruik bij geadopteerde kinderen. En pleegkinderen?

Met de ongunstige start van hun leven lopen geadopteerde kinderen meer risico op emotionele en gedragsproblemen en groeiachterstanden dan de gemiddelde bevolking. Je zou dan ook verwachten dat ze ook meer medicatie gebruiken. Tot nu toe hadden we hier geen enkel zicht op.
Om dit te verhelpen gingen Joost van Ginkel en collega’s aan de slag met gegevens van het CBS. Zij keken vooral naar medicatie voor ADHD, antidepressiva, (anti)groeimedicatie en de ‘overige’ medicatie. De medicijngegevens kreeg het CBS via apotheken.
De onderzoekers analyseerden de gegevens tussen 2006 en 2016 van zo’n 2 ½ miljoen Nederlandse kinderen, tussen de 1 en 17 jaar oud. Hiervan waren ruim 10 duizend geadopteerd – waarvan 42% uit China. 

En wat bleek? 
Niet-Chinese geadopteerde kinderen gebruikten significant iets meer ADHD-medicatie, maar het was slechts een klein effect. De Chinese jongens kregen meer ‘overige’ medicatie, begrijpelijk omdat deze groep grotendeels medische Special Needs had bij de adoptie. Voor alle overige medicatie werd – tegen de verwachting in - geen significant verhoogd gebruik gevonden. 
Dus niet meer anti-depressiva, niet meer groeibevorderende medicatie, niet meer anticonceptie en niet meer overige medicatie.

Alles bij elkaar genomen kan bij een onderzoek over zoveel kinderen met grote zekerheid gesteld worden dat de geadopteerde kinderen niet substantieel meer medicatie gebruikten dan hun niet-geadopteerde leeftijdsgenoten. Dit komt overeen met de opvallende inhaalslag die geadopteerde kinderen maken na aankomst in hun adoptiegezin. Het lijkt er daardoor op dat de geadopteerden herstellen van de tegenslagen voorafgaand aan hun adoptie, zonder dat daarvoor extra behandeling met medicatie nodig is. 
Over medicijngebruik bij pleegkinderen hebben we alleen gegevens uit het buitenland en deze zijn zorgwekkend. Een aanvullend onderzoek naar medicatiegebruik bij pleegkinderen zou daarom zeer aan te bevelen zijn.



Kennisflits 2017:4 
Tieners, een extra uitdaging!

Tienerpleegzorg vraagt van pleegouders veel wijsheid, geduld, inzet en uithoudingsvermogen. Goed onderbouwde tips zijn altijd handig!

Via het Rees Centre is “Teenagers in Foster Care. Handbook for foster carers and those that support them” vrij te downloaden, een kort en overzichtelijk handboek met top tips, onderbouwd door wetenschappelijke kennis. Een aantal wetenswaardigheden uit het rapport:

Een lange adem
Basaal vertrouwen opbouwen is een langzaam proces – voor tieners kan het jaren duren. Dit vraagt veel uithoudingsvermogen en niet te hoge verwachtingen. 

Relatie
Belangrijk is hierbij de relatie met de tiener. ‘STAGE’ is een afkorting voor de belangrijkste elementen in de relatie met een tiener: 
• S= Significance: 
Tijdens de tienertijd zijn volwassenen net zo belangrijk als tijdens de kindertijd;
• T= Two-way communication: 
Goed luisteren: communicatie gaat twee kanten op;
• A= Authority:
Authoriteit kan niet worden afgedwongen, maar moet gebaseerd zijn op respect en goede communicatie. Regels worden beter gevolgd na onderhandelen dan na afdwingen;
• G= Generation Gap:
De wereld is zo veranderd met o.a. sociale media, ander seksueel gedrag en andere waarden, dat volwassenen soms te snel zijn in het veroordelen van het gedrag van de jongeren;
• E= Emotion: 
Emoties van de tiener kunnen hoog oplopen – dit kan versterkt zijn door eerder trauma, waardoor de emoties destructief kunnen worden. Dan is het heel moeilijk voor de pleegouders om hun emoties in de hand te houden. Het is daarom essentieel dat pleegouders ondersteuning krijgen in het herkennen en omgaan met hun emoties.

In het handboek wordt onder andere ingegaan op belangrijke zaken als veiligheid, structuur, gehechtheid, seksualiteit en risicogedrag. De rol van de pleegouder wordt omschreven als pleitbezorger voor de tiener, cheerleader zijn en geloven in de tiener. 

Maar het handboek geeft meerdere malen aan dat de pleegouder dit niet alleen kan. Ondersteuning is noodzakelijk en misschien wel voorwaarde voor goed tienerpleegouderschap!



Kennisflits 2017:3
Zich thuis voelen in twee culturen

Over adoptie, maar ook relevant voor interraciale pleegzorg

In het adoptieland
Geadopteerden komen na hun adoptie in een nieuwe cultuur terecht. Dit kunnen zij zien als een verrijking of als een worsteling. Hoe positief hun houding is naar hun dubbele culturele achtergrond lijkt onder andere af te hangen van de interesse van de adoptieouders voor de oorspronkelijke cultuur en hoe de adoptieouders omgaan met negatieve reacties vanuit de maatschappij (Chen 2016).  

Dit kwam ook naar voren in het onderzoek van Lee (2016) die vond dat de bovengemiddelde veerkracht van geadopteerden onder andere samenhing met de onderlinge verbondenheid binnen het adoptiegezin en de openheid bij ruzies. De interviews in deze studie lieten zien dat de geadopteerden met name profiteerden van de actieve aandacht van hun adoptieouders voor de oorsprongscultuur, namelijk met:
het actief gesteund worden bij het onderzoek naar hun etnische en raciale identiteit en het eventuele worstelen hiermee;
het blootgesteld worden aan de oorsprongscultuur en hun empathische steun bij raciale problemen;
de actieve rol en steun van de adoptieouders in zoektochten naar land en familie van herkomst.
 
In het herkomstland
Cultuur blijkt ook een lastig item te kunnen zijn wanneer geadopteerden hun oorspronkelijke familie gevonden hebben (Docan-Morgan, 2016). Zo blijkt de cultuur door te spelen in hoe bijvoorbeeld gekeken wordt naar schoonheid, vrouwelijkheid en wat voor rol je hebt in de familie. Verwachtingen kunnen hiermee verschillen, wat weer gevolgen heeft voor hoe verbonden de geadopteerde zich voelt met zijn/haar biologische familie. Terwijl sommigen een diep gevoel van verbondenheid ervaren, voelen anderen zich juist vervreemd

'The way Koreans work, if they have their way, you'd completely lose yourself, you know? You just would be folded back into that same hierarchical structure that they lived by. And they would call that love. And it is. But it's a very different love than we know, and it comes with a lot of frustrations too'.

Kennisflits 2017:2
‘Methodisch matchen’ is voor iedereen beschikbaar

Sinds vorige week is het zover: het handboek ‘Methodisch Matchen’ is vrij beschikbaar! 
Matchers en hun organisaties krijgen hiermee een hulpmiddel in handen voor het complexe matchingsproces, dat jeugdigen naar een bij hen passend pleeggezin of gezinshuis moet leiden. Niet eerder is in Nederland een algemeen, op wetenschappelijk en praktijk onderzoek gefundeerd handboek voor matching verschenen. Het biedt professionals een kader bij het maken van afwegingen voor een goede plaatsing van het kind.
Persbericht Naar de Kennisflits Meer informatie

Kennisflits 2017:1
Kinderen hebben recht op goed ouderschap!

Het langverwachte rapport van de Staatscommissie ‘Herijking Ouderschap’ is uitgekomen. Dit rapport is een advies van de Staatscommissie aan de regering over aanpassing van wetgeving en beleid over de juridische positie van kinderen in gezinnen, nu er zoveel verschillende gezinsvormen bestaan.
Belang kind voorop!
De commissie is uiterst duidelijk: de belangen van de kinderen worden centraal gesteld: hún welzijn en hún kansen op een gezonde, volledige en harmonieuze ontwikkeling naar zelfstandige en sociaal verantwoordelijke individuen. Kinderen hebben ook rechten: naast het kinderrechtenverdrag stelt de commissie dat ‘goed ouderschap’ voor ieder kind beschikbaar moet zijn. Goed ouderschap bestaat onder andere uit de kernwaarden ‘een onvoorwaardelijk persoonlijk commitment’ en ‘continuïteit in de opvoedingsrelatie’. Regelingen voor ouderschap en gezag zullen moeten verzekeren dat deze waarden voldoende tot hun recht komen; dit kan getoetst worden via een zogenaamd ‘kind- en jongereneffectrapport’. 
Pleegzorg en adoptie
Het rapport richt zich vooral op gezinnen met partners van gelijk geslacht, stiefoudergezinnen, draagmoederschap en donorschap, maar ook op adoptie en pleegzorg. 
Zo pleit de commissie onder andere voor de mogelijkheid van een zogenaamde zwakke of eenvoudige adoptie, waarbij het kind niet altijd in juridische zin volledig afscheid hoeft te nemen van zijn oorspronkelijke familie. De rechter zou moeten beoordelen wat in het belang van het kind is.
Een uitgebreidere samenvatting met punten uit het rapport die van belang zijn voor pleegzorg en adoptie vindt u hier.


Share by: